Samenvatting workshop scheidsrechters 2011

Hieronder volgt een samenvatting van de workshop voor scheidsrechters met een spelregel update voor de lagere regio codes, die gehouden werd op 16 september 2011. De deelnemers vonden dit een zeer leerzame workshop en er is besloten dat we proberen deze workshop jaarlijks voor aanvang van het seizoen aan te bieden aan alle scheidsrechters en trainers.

In het moderne volleybal is minder fluiten, dus spelen in een hoger tempo, het principe. In een wedstrijd is maar 17% van de totale tijd, daadwerkelijke speeltijd. De rest is fluiten, time-outs, wissels etc.

Waar moet een goede scheidsrechter aan voldoen:

-  consequent zijn

-  duidelijk en zeker zijn in zijn armgebaren

-  onpartijdig zijn

-  de wedstrijd goed aanvoelen, qua techniek en commentaar

-  aandacht voor het spel hebben / concentratie

-  beslissingen nemen en deze kunnen uitleggen

Voor de wedstrijd:

Wanneer een speler of coach geen spelerskaart (bij zich) heeft, dan moet diegene zich kunnen legitimeren met een paspoort of rijbewijs, of iets anders waar zijn/haar pasfoto en een geboortedatum op staat. De geboortedatum en paspoortnummer worden dan bij de bijzonderheden neergezet.

Wanneer iemand zich niet kan legitimeren, dan mag diegene niet spelen. Een kaart op aanvraag invullen mag dus NOOIT.

Blokkeren / aanval:

Wanneer de handen of een ander lichaamsdeel boven het net uit komt, dan is het een blok.

Een voorspeler mag de bal niet slaan wanneer de set-up is gegeven door de libero in de voorzone. Wanneer deze set-up onderhands is gegeven, dan mag er wel op geslagen worden.

Een libero mag nooit blokkeren.

Blokkeren over het net mag wanneer er niemand van de tegenstander in de buurt is. En dit mag ook alleen wanneer de aanval naar de overkant van het net komt. Het mag dus niet met een set-up.

Een opslag mag teruggeslagen worden door een voorspeler wanneer de bal onder de netrand is. Door een achterspeler mag je bal altijd terug geslagen worden.

Wanneer de set-upper achterspeelster is, dan mag deze de bal wel springend doordrukken wanneer deze onder de netrand is.

Blessures:

Een libero mag wel worden vervangen tijdens een blessure door een speler. Maar een libero mag nooit een “normale” speler worden.

Techniek:

Alle 1e ballen kunnen technisch (bijna) niet afgefloten worden, dit is niet alleen de opslag van de tegenstander, maar ook alle 1e ballen die over het net komen na een aanval of blok.

Technisch affluiten op een 2e bal moet op gevoel gebeuren. Kijkend naar de actie.

Wanneer er een mooie pass komt en er is een foute set-up, dan deze affluiten.

Komt er een slechte pass, maar daarna een mooie set-up, dan deze niet affluiten.

Wanneer je een goed en een minder goed team fluit, dan het niveau van de techniek aanpassen naar de maatstaven van het goede team. Deze mag niet benadeeld worden.

De 3e bal moet technisch goed gespeeld worden.

Dragen is:        boven de schouderlijn de bal langer in de handen hebben.

Vasthouden is:             onder de schouderlijn langdurig balcontact hebben.

Plakken is:        het sturen van de bal wanneer deze in de handen ligt.

Het fluiten zelf:

Nadat er een fout is geconstateerd direct kort en krachtig fluiten.

Daarna rustig de kant waar de opslag naar toe gaat aangeven.

Daarna het teken van de gemaakte fout aangeven, aan de kant waar de fout gemaakt is.

Het service teken is met een horizontale arm, deze “strak” horizontaal naar de andere bovenarm brengen.

Bij een voetfout naar de achterlijn wijzen.

Wanneer de bal tijdens de opslag niet over het net gaat, dan de netrand aanwijzen.

Wanneer de opslag erg hoog is, kan er nooit geschermd worden, dit kan alleen bij een korte bal.

Wanneer de scheidsrechter fluit voor de opslag gaan de 8 seconden in.

Wanneer de scheidsrechter nog niet heeft gefloten voor de opslag en er word geserveerd, dan mag diegene opnieuw serveren.

Spel ophouden is een waarschuwing.De 2e keer spel ophouden is een gele kaart. De 3e,4e,5e keer is ook een gele kaart.De waarschuwing voor spelophoud moet worden opgeschreven op het wedstrijdformulier.

Een waarschuwing voor wangedrag hoeft niet opgeschreven te worden.

Wanneer er een kaart uitgedeeld wordt, dient deze altijd opgeschreven te worden.

Een gele kaart wil zeggen 1 punt in mindering doordat de rally verloren is.

Wanneer de lampen aan het plafond laag hangen, en de bal gaat daaroverheen, dan is de bal uit het zicht. Dit moet afgefloten worden en een dubbelfout gegeven worden.

Wanneer deze bal dan het plafond of dergelijke raakt, dan moet de bal uit gegeven worden.

Het is handig om dit voor de wedstrijd aan te geven aan de coach/aanvoerder, om discussies te voorkomen.

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s